het woord van vandaag

← all topics | topic: tijd

afkorting
m.i.v. (2017-12-18)

bijwoord
bijtijds (2012-12-28)
destijds (2010-07-29)
eergisteren (2010-12-02)
indertijd (2015-11-14)
overmorgen (2011-05-26)
toentertijd (2012-02-03)
vanaaf (2017-02-07)

spreekwoord
gezelligheid kent geen tijd (2012-10-31)

uitdrukking
dan weet je wel hoe laat het is (2018-02-28)
in afzienbare tijd (2011-01-04)
in een mum van tijd (2011-01-31)
om een uur of (2016-06-22)
op den duur (2011-11-30)
te allen tijde (2017-12-13)
ten tijde van (2018-06-20)
tussen de middag (2010-05-10)
uit de oude doos (2016-07-13)
van de week (2017-06-21)
zelden of nooit (2018-08-01)
zijn tijd verdoen (2015-08-19)

werkwoord
verjaren (2018-03-30)

zelfstandig naamwoord
heden (2018-08-12)
komkommertijd (2013-06-21)
poos (2010-01-18)
tijdverdrijf (2015-02-16)

bijvoeglijk naamwoord
hedendaags (2012-05-05)
herfstig (2017-09-22)
ogenblikkelijk (2016-01-15)
onmiddellijk (2016-07-29)