lesson verkiezingen (elections)
(photo by Rob C. Croes / Anefo)
Deze man gaat stemmen.
This man is going to vote.
- deze = this
- man = man
- gaat = goes
- stemmen = vote
- gaat stemmen = is going to vote
Hij gebruikt een rood potlood.
He uses a red pencil.
- hij = he
- gebruikt = uses
- een = a
- red = rood
- potlood = pencil
